Bij de beoordeling van subsidie-aanvragen dienen de volgende toetsingen van het project plaats te vinden.

1. Toetsing aan de doelstellingen in de statuten.

Stichting Leonora Christina beoogt een brede(re) kennismaking door het Nederlandstalige lezerspubliek met de Scandinavische letterkunde te bevorderen. Meer in het bijzonder heeft de stichting ten doel het stimuleren van de uitgave van bijzondere literaire vertaalprojecten uit de Scandinavische talen in het Nederlands. Het gaat om projecten die - naar het oordeel van het bestuur der stichting - zonder subsidie niet interessant zijn voor (commercieel opererende) Nederlandse uitgeverijen. De stichting richt haar aandacht in de eerste plaats op werk van vrouwelijke auteurs, vanwege de in het algemeen asymmetrische canonisering. Bij de hiervoor bedoelde projecten valt met name te denken aan vertalingen van in Nederland minder bekende hedendaagse en vroegere Scandinavische auteurs.

Meer in het bijzonder wordt gedacht aan:
a. vertalingen van poëzie, drama en korte verhalen van auteurs, van wie nog niet of nog niet veel werk in deze genres in Nederlandse vertaling is verschenen, hetzij in boekvorm, hetzij voor poëziefestivalbundels en (themanummers van) literaire tijdschriften;
b. vertalingen in uitgaven met een artistieke en/of bibliofiele meerwaarde, waarbij Scandinavische of door het Scandinavische werk geïnspireerde Nederlandse beeldend kunstenaars zijn betrokken.
c. uitgaven van Scandinavische liedteksten met zingbare vertaling en bijbehorende muziek, ten behoeve van zangers en koren in het Nederlandse taalgebied.

2. Toetsing van de literaire kwaliteit van de tekst en het oeuvre.

Hierbij kan worden uitgegaan van een voor het origineel relevante keuze uit de volgende beoordelingscriteria (niet uitputtend):

Bij proza en drama:
- stijl
- literaire middelen
- compositie
- complexiteit
- oorspronkelijkheid / ideeënrijkdom
- verbeelding
- spanning
- karakterontwikkeling van personages

Bij poëzie:
- woordgebruik
- beeldgebruik
- klankrijkdom
- toon
- ritme
- vorm
- zeggingskracht / de "eigen stem" van de dichter

Wat het oeuvre betreft zal voor oudere werken o.a. gekeken moeten worden naar positie en de mate van canonisering in de brontaalcultuur. Bij eigentijdse werken kan gekeken worden naar de omvang, impact en/of veelbelovendheid van het overige werk van de betreffende auteur.

3. Toetsing van de kwaliteit en ervaring van de vertaler aan de hand van diens cv en bij aankomende vertalers tevens het cv van de mentor. Zo nodig kunnen door de beoordelingscommissie een proefvertaling en/of referenties worden gevraagd.

4. Toetsing van de kwaliteit van eventueel beeldend werk aan de hand van cv en/of presentatie van de kunstenaar.

5. Toetsing van de kwaliteit van de uitgeverij, bijvoorbeeld aan de hand van een fondslijst en/of presentatie.

6. Toetsing op kwaliteit van kostenraming/dekkingsplan en marketing/distributieplan.

7. Eventuele navraag bij opgegeven referenties.